Ik heb altijd gezegd: het maakt me werkelijk geen bal uit waar ik met mijn partner beland. Al wonen we in een hutje op de hei. Als we maar samen kunnen lachen.
Een verlangen dat voortkomt uit het feit dat ik het leven soms te veel wil controleren. Zo schrijf ik al jaren in mijn persoonlijke dagboeken, aan mezelf: niet zo serieus nemen.
En dat niet één keer. Als ik mijn boekjes erbij pak die ik in de afgelopen twintig jaar heb geschreven, zie ik deze boodschap aan mezelf constant terugkomen. Neem het niet zo serieus! Blijkbaar heb ik nogal wat herhaling nodig.
Begin dit jaar deed ik een bewustzijnsverruimende ceremonie. Normaal gaan mensen zo’n reis in met een prangende levensvraag. Ik had deze keer geen vraag of intentie; ik was vooral nieuwsgierig. Laat maar zien wat er nu echt belangrijk is.
En wat kreeg ik te zien? Een kermis! Het leven was één grote KERMIS. Ik heb me urenlang kapotgelachen. Het was alsof ik naar al ons gedoe keek, alles waar we ons druk over maken en ik begreep helemaal niet meer waarom. Ik moest daar zó om lachen. Want ja hoor. Daar was-ie weer. Diezelfde boodschap die ik blijkbaar al jaren aan mezelf schrijf.
NEEM HET NIET ZO SERIEUS.
Gelukkig ben ik met iemand die dat kan, onbedaarlijk lachen, gekkigheid uithalen. Apengedrag noemt hij dat zelf. Je kan me niet gelukkiger maken.


